Van nachtmerrie naar nachtmerrie

Parkinson: Iedereen die het heeft ervaart het anders. Bijna niemand heeft precies dezelfde klachten.
Wat meestal wel zo is, is dat het pas laat ontdekt wordt. Vaak lopen mensen al jaren met ongemakken rond voordat de diagnose wordt gesteld. Zo ook bij mij. Als ik terug ga in de tijd dan kan ik durf ik met zekerheid te zeggen dat ik in 2008 al last had van vervelende kwaaltjes. Zoals ik al eerder schreef, had ik het altijd koud. Waarschijnlijk omdat ik de hele dag vermoeid was. Dat begon ’s morgens vroeg al. Het uit bed opstaan was een ware nachtmerrie.

Trouwens, echte nachtmerries had ik ook bijna elke nacht. Je wilt niet weten hoe vaak ik in een ravijn ben gevallen, hoe ik over smalle paadjes moest lopen of fietsen, en er dan van af gleed. Brand, moord, ongelukken, gevangen gehouden worden in wat voor ruimte dan ook (een grot of een echte gevangenis), ik heb het allemaal, alsof het echt was, meegemaakt. Ik schijn flink gegild te hebben en ook heb ik Rini diverse keren geslagen. Dat heb ik dan weer niet meegekregen. Ik werd angstig en badend in het zweet wakker na zo’n droom. Gelukkig was daar dan altijd de beschermende arm van mijn steun en toeverlaat Rini.
Later kwam ik erachter dat nachtmerries een voorteken van de Ziekte van Parkinson kunnen zijn.

Wakker worden deed ik in de badkamer, zittend op het toilet. Beide handen voor mijn ogen en voorzichtig steeds meer licht toelatend. En mezelf flink inprenten dat je je niet misselijk voelt en je best kunt gaan werken. Meestal lukte dat ook.
Wat ik niet in de gaten had was dat het steeds meer tijd kostte om mezelf te wassen, aan te kleden en te eten.
Waar ik vroeger één uur voor nodig had, daar deed ik nu anderhalf uur over. Om de trein van 6.30 uur te halen moest ik om 5.00 uur mijn bed uit. Ik wilde die trein pertinent halen, want dan kon ik met de trein van 15.30 uur weer naar huis.
Ik deed alles veel trager, maar had het zelf niet in de gaten.
Rini maakte weleens een opmerking dat ik op moest schieten, maar dan vond ik hem een zeurpiet. Ik deed alles toch snel?

Als ik ’s middags thuis kwam, was ik heel vaak misselijk. Ik kon niet uitleggen wat ik precies voelde, maar het was niet fijn. Ik zei dan altijd: “Laat me maar even, dat trekt zo meteen wel weer weg.” Nu weet ik dat op zulke momenten mijn spieren verstijfd waren, iets waar ik tegenwoordig heel veel last van heb. Het juiste gevoel kan ik nog steeds moeilijk omschrijven.
Ik heb vaak bij de huisarts en de praktijkassistente gezeten en vertelt dat ik me niet lekker voelde, maar zij konden daar niets mee. Aan Parkinson dacht niemand. Ik ook niet.

Getagd , , , , , , , . Bladwijzer de permalink.

One Response to Van nachtmerrie naar nachtmerrie

  1. Karin zeggen:

    Ik kende het verhaal natuurlijk al maar toch weer heftig om het zo te lezen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

code